December als feitelijke ontwrichting van de echtelijke samenleving
December is de maand van lichtjes, liefde en – zo blijkt jaar na jaar – echtscheidingen. Althans, dat laatste wordt steevast zichtbaar zodra de kerstboom het huis uit is en goede voornemens plaatsmaken voor nuchtere conclusies over het huwelijk. In januari rinkelt bij Conchita van Rooij Advocaten de telefoon niet vanwege nieuwjaarswensen, maar vanwege een vraag die zo oud is als het huwelijk zelf: “Ik wil graag scheiden.”
Wie denkt dat echtscheidingen ontstaan uit plotselinge ruzies heeft het niet bij het rechte eind. De meeste huwelijken eindigen niet met een klap, maar met een langdurige constatering. En die constatering wordt opvallend vaak gedaan ná de decembermaand Niet omdat december relaties breekt, maar omdat hij genadeloos zichtbaar maakt wat feitelijk al was ontwricht.
Opvallend is dat echtgenoten zelden in december zelf de stekker eruit trekken. Dat zou ongepast zijn. Onhandig. Ongezellig. Men houdt vol tot na de feestdagen – vaak onder het mom van de kinderen, soms uit sociale plicht, maar meestal uit vermijdingsgedrag. De beslissing is dan allang genomen, ergens tussen kerstavond en nieuwjaarsdag. Naar het schijnt vaak na de derde verplichte familiebijeenkomst. Met familie. Met verwachtingen. Met een gourmetstel dat nooit werkt en een schoonmoeder die het “allemaal goed bedoelt”. Het argument “we zijn bij elkaar gebleven voor de kinderen” wordt in januari steevast ingeruild voor “dit is niet langer houdbaar voor de kinderen”.
Wat daar zichtbaar wordt, kwalificeert juridisch niet als een incident, maar als een duurzame ontwrichting van de echtelijke samenleving: de wettelijke grondslag voor echtscheiding. De kerstdiscussie is zelden de oorzaak, hooguit het bewijsstuk.
In de praktijk van het familierecht is januari dan ook geen emotionele maand, maar een administratieve. Dossiers worden geopend. Cliënten melden zich niet alleen met de wens om te scheiden, maar vooral met de vraag hoe en per wanneer. Voor Conchita van Rooij Advocaten, al jaren bekend als topadvocaten in het familierecht, betekent dat: alle hens aan dek. Met scherpe juridische analyse, strategisch inzicht en oog voor de menselijke kant waar dat nodig is – maar zonder de juridische realiteit uit het oog te verliezen.
Het gesprek verschuift. Niet langer gaat het over hoe iets voelt, maar over wat juridisch moet worden geregeld: de peildatum van de vermogensafwikkeling, de verdeling van zorg- en opvoedingstaken van de kinderen, partner- en kinderalimentatie, en de vraag of mediation nog zinvol is of dat de verhoudingen inmiddels te zeer zijn geëscaleerd. Precies op die snijvlakken maken wij als ervaren topadvocaten echt het verschil.
De stijging van echtscheidingen na de feestdagen (overigens ook na vakanties) is dan ook geen maatschappelijk mysterie, maar een logisch gevolg van langdurige ontwrichting die eindelijk niet meer te ontkennen valt. Dan hebben wij het nog niet eens over de samenlevingen die worden verbroken…
